Selecties

VOORWAARDELIJKE SELECTIE ​

  • Respiratoire infecties
    • Acute faryngitis: Indien een antibioticum geïndiceerd is (zie BAPCOC), alternatief voor feneticilline (eerste keuze volgens BAPCOC) wanneer dit niet beschikbaar of te duur is voor de patiënt.
    • Acute rinosinusitis: eerste keuze bij patiënten met een verhoogd risico op een ernstiger beloop of in geval van ernstig infectieus syndroom (zie rubriek motivatie en BAPCOC). In bepaalde omstandigheden is doorverwijzing naar de tweede lijn noodzakelijk (zie BAPCOC).
    • Acute otitis media: eerste keuze bij patiënten met een majeure risicofactor voor complicaties of in geval van ernstige ziektetekenen (zie rubriek motivatie en BAPCOC). In bepaalde omstandigheden is een onmiddellijke doorverwijzing naar de spoedgevallendienst noodzakelijk*.

* verwijs onmiddellijk naar de spoedgevallendienst (CA - zie BAPCOC methodologie) bij alarmsymptomen zoals tekenen van een ernstige systemische infectie (sepsis) of tekenen/symptomen die een acute complicatie van AOM suggereren, bv. meningitis of mastoïditis.

  • Gastro-intestinales infecties
  • Tandgerelateerde infecties in de mond
    • Tandabces: in geval van lokale uitbreiding of systemische tekenen van infectie, bij immunogecompromitteerde patiënten of patiënten met antecedenten van endocarditis, als aanvulling op endodontische tandheelkunde (eerste stap); herevaluatie na 72 uur is belangrijk.

Motivatie

​Acute faryngitis:

  • Een systematische review van de Cochrane Collaboration toont aan dat er geen klinisch relevante verschillen zijn tussen cefalosporines, macroliden en penicilline betreffende het verdwijnen van de symptomen bij een infectie met groep A-streptokokkenfaryngitis. Penicilline blijft een eerste keuze op grond van de kostprijs en de afwezigheid van resistentie.
  • Zowel BAPCOC als de WOREL-aanbeveling (zie ebmpracticenet) stellen dat een smalspectrum penicilline de eerste keuze is. BAPCOC suggereert feneticilline als eerste keuze en amoxicilline of een cefalosporine, waaronder cefalexine, als alternatief wanneer feneticilline niet beschikbaar of te duur is voor de patiënt.

​Acute rinosinusitis:

  • Antibiotica zijn in de regel niet geïndiceerd (grade 1A - zie BAPCOC methodologie).
  • Antibiotica zijn wel geïndiceerd (CA - zie BAPCOC methodologie):
    • Bij patiënten met een verhoogd risico op een ernstiger beloop: bijv. immunogecompromitteerde patiënten of kwetsbare zieke oudere patiënten (met of zonder koorts).
    • In geval van ernstig infectieus syndroom: hoge koorts >39°C, ernstige pijn die niet reageert op pijn- en koortswering, en/of duidelijke impact op eten en slapen), bij koorts met langer dan 5 dagen of opnieuw koorts na initiële verbetering.

Acute otitis media:
  • Antibiotica zijn in de regel niet geïndiceerd (grade 1A - zie BAPCOC methodologie).
  • Antibiotica zijn wel geïndiceerd (CA - zie BAPCOC methodologie):
    • Bij patiënten met een majeure risicofactor voor complicaties (bijv. cochleair implantaat, ooroperaties in de recente voorgeschiedenis, immunogecompromitteerde patiënten).
    • In geval van ernstige ziektetekenen.
Eradicatie van Helicobacter Pylori:
  • Er is bewijs dat eradicatietherapie van H.pylori een effectieve behandeling is van een aan H.pylori geassocieerd peptisch ulcus, in vergelijking met enkel een ulcus helende behandeling​​​​​​​​​​​​​.
  • Een behandelingsschema (quadritherapie) wordt aanbevolen door BAPCOC. Amoxicilline is één van de vier moleculen van dit schema.

Tandabces:

  • Na tandheelkundige zorg (is basisbehandeling).
  • Bij ten minste één van de volgende situaties
    • Tekenen van lokale uitbreiding of systemische tekenen van infectie.
    • Immuungecompromitteerde patiënt.
    • Patiënt met een voorgeschiedenis van endocarditis.

Indicatie
Acute faryngitis – alternatief voor feneticilline (voorwaardelijke selectie) Acute rinosinusitis of otitis media (voorwaardelijke selectie) Peptisch ulcus - Eradicatie van Helicobacter pylori

Tandabces (voorwaardelijke selectie)

Criteria voor
de selectie
Werkzaamheid + + + +
Veiligheid
Gebruiksgemak
Prijs
Expert
consensus


Dosering

Geen dosisaanpassing nodig op basis van leeftijd.
De absorptie wordt niet beïnvloed door voedselinname.
Acute faryngitis:
  • 500 mg 3 x per dag, gedurende 7 dagen.

Acute rinosinusitis:

  • 1 g 3 x per dag, gedurende 7 dagen.
Acute otitis media:
  • 1 g 3 x per dag, gedurende 5 dagen.
Eradicatie van Helicobacter pylori (quadritherapie) :
  • 1 g 2 x per dag gedurende 10 dagen (in associatie met, 2 maal per dag: pantoprazol 20 mg + clarithromycine 500 mg + metronidazol 500 mg).
Tandabces:
  • 500 mg 3 x per dag, gedurende 3 tot 7 dagen. De duur van de behandeling hangt af van het klinische verloop.

In geval van nierfalen

GFR > 30 ml/min geen aanpassing nodig
GFR tussen 10 en 30 ml/min maximum 2 x 500 mg amoxicilline per dag
GFR < 10 ml/min maximum 500 mg amoxicilline per dag

Delen en pletten

De rubrieken hieronder verwijzen naar de geneesmiddelgroep waartoe het hier beschreven geneesmiddel behoort, indien deze beschikbaar zijn in het Gecommentarieerd Geneesmiddelen Repertorium.

Bijzondere voorzorgen

  • Het natriumgehalte van bruispreparaten (comprimés, poeders, granulaten) kan problemen geven bij patiënten op een streng zoutarm dieet.
  • Amoxicilline vraagt bijzondere aandacht bij ernstige nierinsufficiëntie (zie Inl.6.1.2. Nierinsufficiëntie).

Ongewenste effecten

  • Beïnvloeden van de commensale flora, met mogelijk diarree en gist- en schimmelinfecties tot gevolg. Pseudomembraneuze colitis door proliferatie van Clostridioides difficile kan optreden na behandeling met allerlei antibiotica, maar wordt frequenter gezien met penicillines (en met cefalosporines, chinolonen, lincomycine en clindamycine).
  • Maaglast en diarree, vooral met hoge doses per os.
  • Allergie aan penicillines
    • Allergische reacties (met inbegrip van anafylactische shock) kunnen optreden.
    • Patiënten met allergie voor de andere penicillines zijn ook allergisch voor amoxicilline maar het tegenovergestelde is niet noodzakelijk waar.
    • Enkel bij een voorgeschiedenis van symptomen van anafylaxie (< 1 uur na inname) of symptomen zoals urticaria, angio-oedeem, hypotensie, hartaritmie, larynxoedeem, en/of bronchospasme binnen de 72 uur na inname, moet van behandeling met penicillines afgezien worden.
    • De incidentie van IgE-gemedieerde penicillineallergie wordt vaak sterk overschat: anafylactische shock komt voor bij ten hoogste 0,015% van de blootgestelde individuen. Slechts een klein percentage van de vele patiënten die een geschiedenis van penicillineallergie vermelden, vertoont in werkelijkheid een IgE-gemedieerde allergie. Een huidtest kan nuttig zijn bij twijfel aan IgE-gemedieerde penicillineallergie. Bij kinderen is anafylaxie na inname van penicilline nog zeldzamer.
    • Andere, niet-levensbedreigende allergische reacties zijn overgevoeligheidsreacties van type II (anemie of trombocytopenie) of van type III (serumziekte).
    • Bij sommige patiënten met IgE-gemedieerde penicilline-overgevoeligheid bestaat er ook allergie voor de cefalosporines (zie bij de verschillende cefalosporines).
  • Naast de huidreacties ten gevolge van penicillineallergie bestaat er voor amoxicilline ook een risico van maculopapuleuze huiduitslag. Deze niet-allergische huiduitslag, die moeilijk te onderscheiden is van een type IV-allergische reactie, treedt veel frequenter op bij patiënten met mononucleosis infectiosa of met lymfatische leukemie, en bij gelijktijdige behandeling met allopurinol. Het optreden van deze niet-allergische reactie wordt niet beschouwd als een contra-indicatie voor een toekomstige behandeling met een penicilline.
  • Kristalurie (vooral bij hoge intraveneuze doses) is gemeld.

Interacties

  • Vitamine K-antagonisten: interactie werd beschreven met bijna alle antibiotica. Hoewel het bewijs van interactie met vele antibiotica (ook de penicillines) zwak is, wordt uit voorzichtigheid toch aanbevolen om de INR te controleren binnen de 3 tot 5 dagen na het starten van eender welk antibacterieel middel.
  • Oestroprogestagenen: er zijn geen bijkomende anticonceptieve maatregelen nodig, tenzij er sprake is van ernstig braken of hevige, waterdunne diarree [zie Folia november 2021].
  • Verhoogde plasmaconcentratie van penicillines en bepaalde cefalosporines door verminderde renale excretie bij associëren met probenecid, een remmer van de OAT1- en OAT3-transporters.
  • Verhoogd risico van maculopapuleuze huiduitslag bij associëren met allopurinol.
  • Verhoogde toxiciteit van methotrexaat bij associëren met een penicilline.

Contra-indicaties

  • IgE-gemedieerde penicilline-overgevoeligheid (zie rubriek “Ongewenste effecten”).

Prijstabel